Wie ben ik

IMG_8658 2.heic

Ik was drie  in 1972

en wou wel elke dag jarig zijn, zoals Kattie-poes in mijn lievelingsboek. 

"Wanneer ben je jarig? vroeg Aboe. Bijna, zei Kattie-poes. Aboe de koe was reuze-blij, want bijna is al gauw!" 

What’s in a name.

Ik was acht in 1977

en wilde tekenjuf worden. Of nog liever acrobate in het circus. Zwierend in de nok  en de toeschouwers  verrassen met mijn trapeze kunsten. Wat zou ik schitteren in de spotlight. 

Schrijfster zijn, leek me niks. Ik zou hoogstens in het licht van mijn bureaulamp zitten.

leesmeubel.jpg

Een kleine grote mens

Ik was twaalf in 1981

en las ‘Kruistocht in spijkerbroek’ van Thea Beckman. Ik las uiterst langzaam. Het idee dat er op een dag aan dat boek een einde zou komen leek me onverdraaglijk.  Toen het toch zo ver was, huilde ik tranen met tuiten.

 

Ik was vijftien  in 1984

en mijn leerkracht Nederlands in het secundair liet ons  dat schooljaar een lijst aanleggen met zelf gelezen boeken. Ik las er honderdenzeven.

 

Ik was zeventien  in 1986

en wilde graag binnenhuisarchitect worden. Dat ik daarmee niet zelf  in het licht zou staan maar met wat geluk wel mijn ontwerpen, vond ik intussen aanvaardbaar.

Mijn eindwerk werd...jawel,  een lees meubel:  ‘boekenkast met doorkijk’.

-Gedaan met boeken die je hun rug toekeerden. ‘Mijn’ favoriete boeken voelden zich aan alle kanten bekeken. En dat vonden ze zalig. :) -

IMG_8612.heic

Een kleine mens

Ik was één dag oud op Wapenstilstand in 1969

en werd geboren in een huis vol boeken. In dat huis woonden we met vijf.  Mijn moeder, mijn vader en wij, de drie zussen. 

Mijn moeder was voor ons voedsel voor het lichaam, mijn vader voedsel voor de ziel. Geen gewone kost.  Maar stevig ‘leesvoer’.

Een vader die steevast op zijn vaste plekje bij het raam zat met een boek. Het had iets geruststellend. Want vaders die lazen, hoefden niet ten oorlog te trekken, stormen te trotseren, op jacht te gaan, hun kinderen uit de handen van kinder rovers en bandieten te houden. Het ontij ging aan hen voorbij.  De wereld was klein als in een sprookje.


Een bijna-grote mens

Ik was tweeëntwintig in 1991

en schreef gedichten op alles wat los en vast zat. Ik won mijn eerste poëziewedstrijd  en ontving als prijs een immens hoge stapel dichtbundels. Van Myriam Van hee tot Herman de Coninck. Van Judith Herzberg tot Rutger Kopland. Wat een heerlijkheid.

 

Ik was zesentwintig in 1995

en maakte vol vertrouwen de sprong naar leerkracht in  het basisonderwijs.  Van ‘binnenhuis-’ naar ‘binnenmens-architect’ (godsdienstleerkrachten zijn binnenmens-architecten, las ik ooit). Hier kon ik mijn ei en verhalen kwijt. 

Zulk groot verschil, zeiden de vrienden. Hoezo groot. Toch slechts 1 woord?

collage prentenboekenHEIC.HEIC.heic

Een grote mens

Ik werd een grote mens en trouwde met Dieter. Er kwamen drie kleine mensjes bij in ons huis: Berend, Marjolein en Mathijs. Ik sloeg hen elke avond voor het slapengaan om de oren met mijn stapel prentenboeken. Maar pijn deed het nooit. 

 

De wereld werd groter en groter. En toen de kinderen de prentenboeken ontgroeid waren, had ik er nog steeds niet genoeg (van).

Een speelse mens

Ik volgde de opleiding Bibliodrama Tussen hemel en aarde. Of noem het ‘verhalen in beweging’. We kropen ‘in’ de verhalen en ‘werden’ de boom, het dak, de aarde, de rabbijn, God... Pure verrukking voor een verhalen-toneel-mens als ik. Verbeelding  en verbinding zonder grenzen. 


Ik bleef een grote mens maar schreef voor kleine mensen:  Poëzie en verhalen in de mooiste tijdschriftjes van het land: de Zonnelandjes en Zonnestraaltjes, kleurrijk en  vol vrolijke noten...

Ik dook na een schrijfcursus bij Leen vanden Berg mee de ‘Lettersoep’ in.  Een smaakvolle schrijfgroep waarin we verhalen schreven voor kinderen en jongeren. We speelden elkaars strenge jury en gaven elkaar stevig gekruide schrijfopdrachten. Daaruit werd ‘Mare’ geboren. Een heus boekje.

 

Ik bleef een speelse mens en schreef samen met maatje Sigrid Princen op kopjes en borden. We hadden de grootste lol.

Ik werd dorpsdichter…

P1013132.JPG.jpg

foto door Jean & Jesse Agten

 

Een Mens

Ik bleef,

ik schreef,

Ik schrijf

 

Ik houd nog steeds

van kopjes,

woorden,

verhalen, 

beelden,

 

Ik werd acrobate en slinger nu met woorden,

hoog in de nok van de verbeelding

Ik ben mijn eigen lees meubel,

ik hou van jarig zijn, 

in het licht staan,

de wereld kleuren…

 

Ik hoop dat je blij mag worden van mijn woorden,

dat ze mogen troosten, je lichter en sterker maken…

 

Katia

J'existe.JPG.jpg